Wat je leest ben jezelf

Het nut van mythen en sprookjes

Een uitgangspunt in de Analytische Therapie is dat wat ons innerlijk beroert zich uitdrukt in de taal van de symbolen. Die innerlijke beroering wordt geactiveerd door iets wat buiten ons gebeurd, bijvoorbeeld door het lezen van de oudste verhalen die we kennen: mythen en sprookjes. Deze bevatten allerlei personen, figuren, beelden en fantasierijke omgevingen. Denk aan de heks, het grote bos, de koningin, de prinses, reuzen, een appel, goden, godinnen, de zee en draken. Het verhaal doet je lachen, huilen, maakt angstig of boos. Je leeft mee met de personages, vindt de hoofdpersoon een held(in) of juist niet. Die ervaringen vertellen je iets over wat in de lezer gekend wil worden. Volgens de psychiater Carl Gustav Jung helpen dit soort universele oerverhalen de mens in het leren begrijpen van het persoonlijke verhaal. Hij of zij wordt daardoor dieper bewust van welke psychische aspecten vragen om aandacht en ontwikkeling.

 

Lees het hele artikel 'Wat je leest ben jezelf' (pdf 252kB)